Bij verkoudheid zijn de ademhalingswegen besmet met een virus. Dit kan gepaard gaan met een verstopte neus, niezen, lichte verhoging, hoest en hoofdpijn. Mond, neus en keel vormen door hun bouw, functie en aanwezige afweermoleculen een stevige barrière tegen vreemde indringers. Snotteren, niezen en hoesten zorgen ook voor extra afweer.
Verkoudheid gaat vanzelf weer over. Het verzwakt echter de weerstand en kan daardoor andere bacteriën en virussen een kans geven. U kunt verkoudheid niet voorkomen, maar een goede lichamelijke conditie kan de klachten wel verminderen. Na ongeveer een week zijn verkoudheidsklachten weer verdwenen. Er is dus geen reden tot bezorgdheid. Als een verkoudheid langer dan twee weken duurt of gepaard gaat met erg hoge koorts, is het verstandig om een arts te raadplegen.
Het verkoudheidsvirus is zeer besmettelijk. Het verspreidt zich gemakkelijk in ruimten waar mensen dicht bij elkaar zitten en waar slecht geventileerd wordt. Een trein of bus, een klaslokaal of een kinderdagverblijf kunnen een bron van besmetting zijn. Als u verkouden bent, is het daarom belangrijk goed op uw hygiëne te letten, zodat u mensen in uw omgeving niet besmet.